Door: Arnaldur Indriðason
Uitgever: A.W. Bruna b.v.
De titel dankt zijn naam aan een wijk in Reykjavík. In de wijk Noorderveen wordt in zijn woning een dode man gevonden.
Voor meer informatie over Arnaldur Indriðason verwijs ik door naar de Arnaldur Indriðason wikipedia
Misdaadroman
(Even in het kort, ik ben hier namelijk nog niet zo getraind in.)
In de wijk Noorderveen in Reykjavík word de man Holberg dood gevonden. Hij blijkt vermoord. Op hem werd de boodschap "ik ben HEM" gevonden. Naarmate men meer en meer in het verleden van deze man graaft, des te meer duidelijk wordt dat hij een beest was. Hij verkrachtte Kolbrún en vermoedelijk nog tal van andere vrouwen. Kolbrún deed hier aangifte van bij de politie maar werd door een lompe boer van een politieagent niet serieus genomen. Negen maanden later beviel ze van een dochter: Auður. Auður sterft uiteindelijk op 4-jarige leeftijd aan een hersentumor.
Na een autopsie op het skelet van Auður blijken haar hersenen niet aanwezig. Na enig speurwerk blijken deze bij een professor in een privé-collectie te zitten. Ondertussen gaan Elínborg en Sigurður Olí op speurtocht naar een eventueel ander slachtoffer die werd vernoemd door een vriend van Hollberg. Dit levert na enige moeite en tijd resultaat op. Ondertussen weet Erlendur het brein en informatie hieromtrent te pakken te krijgen. Een ondervraging met het andere slachtoffer levert veel informatie op over de moord op Hollberg. Blijkt dat de verkrachte vrouw een buitenechtelijke zoon aan de verkrachting heeft overgehouden. Hij is wetenschapper en verloor ook zijn dochtertje aan een zeldzame hersentumor. Toen hij dit begon te onderzoeken in een ingenieuze databank kwam hij op Hollberg terecht. In een blinde woede vermoorde hij Hollberg.
Het grote deel speelt zich af in de tijd van nu. Er wordt wel veel teruggekeken in het verleden om zo de zaak op te kunnen lossen.
Het verhaal speelt zich af in Ijsland en met name in Reykjavík, Húsavik en keflavík. Één van de belangrijke plaatsen is het huis van Holberg in Noorderveen.
Erlendur Sveinsson:
Hij is de hoofdpersoon in het verhaal. Zorgt voor het goede verloop van het opsporings- en denkwerk. Een rechercheur met enorm veel ervaring en heeft al heel wat ellende gezien. Zelf heeft ie ook ellende gekend. Zo heeft hij een drugsverslaafde dochter (Eva Lind) en een alcoholverslaafde zoon (Sindri Snær).
Sigurður Óli:
Linkerhand van Erlendur. Een man rond de 30 jaar die 'stijl' heeft. Een beetje een omhooggescheten vent.
Elínborg:
Rechterhand van Erlendur. Een vlotte vrouw die best wel wat humor in de zaken weet te brengen. Kan met bijna iedereen goed overweg.
Eva Lind:
De drugsverslaafde dochter van Erlendur. Een stuk ellende waar toch best een sprankel hoop in zit. Ze wil wel stoppen met drugs maar komt wilskracht tekort.
Holberg:
De vermoorde in zaak. Uit onderzoek is gebleken dat het een rotvent is. Hij verkrachtte en chanteerde al zeker 2 vrouwen, waaronder Kolbrún. Uit het verhaal is op te maken dat hij een charmeur was. Hij wist altijd wel praatjes te maken en het de vrouwen hof te maken. Tot zijn beestachtige kant naar boven kwam.
Kolbrún:
Nogal een teruggetrokken persoonlijkheid. Na een feestje nam ze Holberg mee naar huis. Holberg kwam echter op het domme idee haar te verkrachten en te chanteren als ze ermee voor de dag kwam. Ze was toch moedig om naar de politie te gaan en Holberg aan te geven. Ze werd echter uitgelachen door de agent van dienst. Aan de verkrachting hield ze een dochter Auður over. Drie jaar na diens dood pleegt ze zelfmoord.
Auður Kolbrúnsdottír:
De dochter die Kolbrún overhield aan de verkrachting. Ze voedde haar vol met liefde en positiviteit op totdat Auður ziek werd en uiteindelijk stierf aan een hersentumor op 4-jarige leeftijd.
Op zich is het verhaal wel geloofwaardig. Tenminste, het is een thriller en dus fictie. Maar het zou wel echt gebeurd kunnen zijn.
Indriðason heeft een vlotte schrijfstijl. Zijn beschrijvingen zijn enorm goed. Enkel de dialogen zouden wel iets geanimeerder kunnen.
...
0 reacties:
Een reactie posten